Over de wortels, de stam, de takken en de bladeren van racisme

Over de wortels, de stam, de takken en de bladeren van racisme

Photo: Norma Prendergast

“Als racisme een boom zou zijn, dan zijn de wortels ons eeuwenoud gevoel van onmacht en onveiligheid, de stam ons emotioneel verlangen naar stabiliteit en veiligheid, de takken onze gedachten en interpretaties en de bladeren ons gedrag en onze woorden.”

In de klas van mijn zoontje, het 4-en-5de leerjaar in een Brusselse basisschool, had de juf al een paar keer opgemerkt dat de kinderen “racist!” of “dat is racistisch” tegen elkaar zeiden en dat ze allemaal een beetje zoekend waren naar wat nu wel of niet racisme is. Ze voelden wel dat er iets was, maar ze kwamen niet veel verder dan een oncomfortabele sfeer en vragen over hoe ze dieper op dit gevoelige thema konden ingaan. Vanuit mijn geëngageerd ouderschap en mijn werk als Deep Democracy-facilitator en Mindfulness-trainer bood ik aan om een namiddag-workshop te komen geven in de klas. Na afloop vonden sommigen “hier zouden we nog wel dagen, weken, misschien wel een heel jaar over kunnen verder leren en praten hé!” En ze hebben gelijk. Racisme is geen onderwerp om in één dag te proppen. Maar hoe en wat kun je precies allemaal doen als leerkracht of als school? En wat doe je met kleine kinderen die nog niet zo taal-machtig zijn? Een workshop is een begin, maar je kunt toch niet elke week workshops organiseren?

Een dag later kwam ik het artikel “Racistische uitspraken bij kinderen: hoe reageer je?” op de website van Klasse tegen. Ik was blij om te lezen wat er nu al gebeurt en welke adviezen scholen, leerkrachten en ouders meekrijgen om racisme bespreekbaar te maken. Tegelijkertijd miste ik de nog niet zo bekende benadering die focust op de lichamelijke en emotionele dimensie, gebaseerd op (recente) neurowetenschappelijke stromingen. Want het diep in onze samenleving gewortelde racisme krijg je niet opgelost door enkel praten en denken. Ik neem hieronder graag de rake stellingen en tips uit het artikel onder de loep, om ze met nieuwe inzichten en praktische oefeningen aan te vullen en te verdiepen.

“Jonge kinderen zijn niet kleurenblind. Maak verschillen zoals huidskleur bespreekbaar.”

Deze stelling focust op gedrag en het bespreekbaar maken ervan. Ik wil hieraan toevoegen dat hetbelangrijk is om concrete gedragingen en cognitieve, verbale uitleg steeds te koppelen aan emoties en aan de gevoelens die schuilgaan achter gedrag. Dit kun je met kinderen van allerlei leeftijden op verschillende manieren doen.

  • Begin met basis-emoties herkennen en erkennen, zoals blijheid, liefde, boosheid, verdriet, angst, en ga ook op zoek waar je die emotie voelt in je lichaam (buik, keel, ergens anders, in je hele lijf?). Je kunt bv samen eenzelfde lied zingen met verschillende emoties, je kunt muziek laten horen en vragen welk gevoel erbij hoort (de interpretatie kan verschillend zijn per kind).
  • Je kunt vragen stellen zoals: “ Hoe weet je wat iemand voelt? Hoe ziet je gezicht er dan uit als je boos/verdrietig/angstig/blij bent? Wat doe jij als je boos/verdrietig/angstig/blij bent? Wat wil je dan het liefst?” Doe samen de verschillende gezichtsuitdrukkingen na en help kinderen bij het antwoorden zoeken op die vragen, geef suggesties zodat ze zich er wel of niet in kunnen herkennen en leren om te benoemen.
  • Je kunt samen (een fragment van) het “poppenexperiment” kijken, met de instructie erop te letten welke emoties er opkomen in jezelf. Niet alle kinderen in het filmpje hebben een “voorkeur” voor de witte pop, maar ze schrijven wel allemaal voordelige eigenschappen of situaties toe aan de witte pop. Een kind zei bv “de zwarte pop is mooier, zo was ik vroeger ook, (gevoelsniveau), maar de witte pop krijgt minder straf (gedragsniveau), maar ik weet niet waarom”, (reflectie, zoeken naar koppeling en coherentie tussen gevoel en gedrag).
  • Als begeleider is de kwaliteit van niet-oordelen, openheid en rustige eerlijke nieuwsgierigheid erg belangrijk. Als je een racistische uitspraak hoort kun je de vraag stellen “zeg je dat om te kwetsen of omdat je het niet begrijpt?”. Dit kan helpen als je dat doet met een milde, open, nieuwsgierige houding. Tegelijkertijd hangen er ook stevige oordelen vast aan de woorden kwetsen (‘je mag iemand anders geen pijn doen’) en niet-begrijpen (‘als je dingen niet begrijpt vinden anderen je misschien dom of krijg je slechte punten’) en kan dat het gesprek blokkeren.  Je kunt het herformuleren als: “Wat gebeurt er met jou als je dat zegt? Voel je je dan minder verdrietig, veiliger of sterker? En wat voelt de ander denk je? Bv blijheid, boosheid, onveiligheid of verdriet of nog iets anders?” We kunnen dan samen ontdekken dat het misschien niet de bedoeling was om iemand pijn te doen, maar dat het soms per ongeluk toch gebeurt. Een volgende stap is dan: hoe kunnen we elkaar helpen om het goed te maken als er iets vervelends gebeurt wat we niet zo bedoeld hebben?
“Kinderen kunnen kwetsende dingen zeggen over huidskleur, zonder dat ze dit thuis of ergens anders hebben gehoord. Benoem verschillen en focus op gelijkenissen.”

Hierbij geef ik graag wat achtergrondinformatie mee. Ons hele lichaam en zenuwstelsel is van nature afgestemd op het snel opmerken van verschillen en negatieve prikkels, zodat in een stabiele, veilige omgeving ‘het andere’ wat potentieel gevaarlijk is, snel wordt gedetecteerd. Dit noemen we de ‘negativity bias’. Positieve, verbindende signalen vangen we ook op, maar die worden veel langzamer geïntegreerd en geregistreerd in onze hersenen. Het bewust opmerken en opslaan van positieve informatie kost ons ongeveer vier keer zoveel moeite als het opmerken van negatieve informatie. Nu zijn we als mens vaak op zoek naar een gezond evenwicht van negatief en positief, en naar een geheel beeld waarvan we voelen dat het klopt. Het is daarom belangrijk om een én-én-én-verhaal te kunnen vertellen en om gesprekken te sturen, zodat die de verschillende aspecten aan bod kunnen komen:

  • We erkennen de realiteit waarin we allemaal vanzelf de verschillen opmerken (wij zijn anders), 
  • én we erkennen dat heel veel verschillen juist heel waardevol zijn, zorgen voor groei en ontwikkeling, en helemaal niet gevaarlijk zijn (wij zijn aanvullend), 
  • én we erkennen dat we heel veel dingen gemeenschappelijk hebben die ons verbinden en waardoor we ons veilig kunnen voelen samen (wij zijn gelijk). 
“Kinderen horen en zien ook wat je niet zegt en toont. Breid je boekenhoek uit, haal de wereld naar je klas.”

Kinderen voelen de emoties en sfeer die mensen of kinderen dichtbij hen voelen, zonder dat het benoemd hoeft te worden. Ze nemen gevoelens over zonder dat zij er zich bewust van zijn, en de ander is er zich vaak nog minder bewust van.  Tegelijkertijd is er wel een bepaald gevoel aanwezig, weten ze hier geen raad mee en hebben ze er ook nog geen woorden voor. Dit is het onbewuste proces dat de neurowetenschap “neuroceptie” noemt*. Het kan voor kinderen heel beangstigend zijn om iets te voelen wat je niet kan plaatsen en waar je geen vragen over kan stellen omdat je niet weet wat het is of welke woorden je kunt gebruiken. 

  • Het is daarom belangrijk de grijpbare spullen -zoals boekjes en video’s of ander materiaal- aan te passen, maar ook om te oefenen met het benoemen van wat je voelt. 
  • Samen zoeken naar woorden die passen en betekenis geven aan je innerlijke wereld zorgt dan voor een gevoel van veiligheid en verbinding met andere mensen, waardoor je foutjes durft te maken en eruit kan leren.
“Kleuters zijn te jong om een begrip als racisme te begrijpen. Benoem ongepast gedrag en taalgebruik.”

Bij kleuters hoef je inderdaad niet aan te komen met een lang verhaal over de kolonisatie geschiedenis of uitleg over bewuste processen en cognitieve concepten. Tegelijkertijd begrijpen ze wel wat verschil is en welk gevoel ze krijgen als iemand iets kwetsends tegen hen zegt over iets waar ze zelf niks aan kunnen doen, zoals huidskleur. Ze kunnen ook hun eigen gevoelens herkennen en begrijpen, als we hen daarbij helpen. Kleuters weten wanneer ze zich goed voelen en wanneer ze zich niet goed voelen.

  • Samen kunnen we meer nuances brengen en in plaats van “goed” en “niet-goed” ook verdriet, angst, onzekerheid, blijheid, liefde, twijfel en nog vele andere emoties benoemen (download “boeken en emotiewaaier” op deze webpagina). 
  • De linken tussen gedrag, gevoel en lichamelijke reacties zijn voor kleine kinderen vaak zelfs veel evidenter dan voor ons volwassenen. Ze ontladen opgebouwde spanningen bijvoorbeeld vanzelf door rondrennen of andere bewegingen, of ze kunnen bij hevige emoties van boosheid of angst zichzelf of elkaar pijn doen. Ruimte geven aan wat er nodig is (zoals voldoende lichamelijke beweging en het erkennen van emoties) kan pijnlijke situaties helpen voorkomen.
  • Het benoemen van ongepast gedrag is zeker belangrijk, maar het effect ervan valt of staat met de manier waarop dit gedrag wordt benoemd. Als er tijd en open (niet-oordelende) aandacht gegeven wordt, dan kunnen volwassene en kind samen zoeken naar welk gevoel bij het gedrag hoort en wat er nodig is om de volgende keer iets anders te doen of zeggen.
“Om te praten over racisme moet je er als leerkracht voldoende over weten. Verdiep jezelf in het onderwerp en reflecteer.”

Bij deze stelling voel ik een ja- en een nee-stem. De ja-stem zegt dat het natuurlijk belangrijk is om voldoende aandacht te besteden aan achtergrondinformatie over racisme en dat je weet waarover je spreekt. Kinderen zijn geweldige vragenstellers en het is fijn om daarop te kunnen antwoorden. Zelf heb ik de afgelopen jaren enorm veel geleerd door boeken te lezen, workshops te volgen en inspirerende experts aan het woord te horen. Mijn nee-stem zegt daarnaast dat de wortels van racisme minder ingewikkeld zijn dan we denken en dat iedereen, ook zonder achtergrondinformatie al aan de slag kan gaan om nieuwe gewoontes op te bouwen die preventief en helend werken.

  • We hoeven niet te wachten tot iedereen is opgeleid om racisme te herkennen bij jezelf en bij anderen, om het te benoemen en te genezen. Zelfs zonder erover te spreken kunnen we al starten met trainen en ontwikkelen van lichaamsbewustzijn en emotionele expressie met betrekking tot “je veilig of onveilig voelen”. Deze vaardigheden zijn onmisbaar om iets later constructieve gesprekken aan te gaan en om een niet-racistische cultuur op te bouwen.
  • Waarom zouden we niet direct starten met het ontwikkelen van een helder en zo volledig mogelijk overzicht en korte workshops bestemd voor de onderwijscontext, waarin basisinformatie over racisme en enkele praktische oefeningen zijn uitgewerkt.  Zo kunnen leerkrachten, leerlingen, ouders en andere begeleiders nu alvast van start gaan, én kan er tijd gemaakt worden om ons (samen) verder te verdiepen in wat het betekent om een gelijkwaardige cultuur op te bouwen.

Nu ik deze laatste zinnen schrijf, duikt er ook een vragende stem in me op: kunnen we onszelf als volwassenen, ouders en leerkrachten, toestemming geven om iets niet te weten? Als we er ergens niet zoveel van weten, kunnen we dan samen op zoek naar de antwoorden, samen leren, samen groeien? Durven we, gegrond in de wetenschap dat ons belangrijkste doel is om met elkaar in verbinding te blijven, samen met onze kinderen op avontuur te gaan en nieuwe bomen met andere wortels te planten?

*Neuroceptie is het onbewuste (niet-cognitief) proces waarbij je lichaam constant je omgeving (innerlijk en extern) scant en via al je zintuigen signalen opvangt, verwerkt en doorgeeft aan je ‘reptielbrein’ en limbisch systeem. Bij onveilige signalen volgt een impulsreactie van vechten-vluchten-bevriezen-instorten. Bij veilige signalen gaat de informatie verder door tot in je neocortex (cognitie, perceptie) zodat je er over kunt reflecteren en bewuste actie kunt ondernemen. Dit laatste stelt ons als mens in staat om ons eigen gedrag te veranderen.

Ylva Berg

Ylva is initiatiefneemster van de Resilience Movement, meertalig Deep Democracy-trainer en facilitator (inclusieve besluitvorming en conflictresolutie) voor kinderen en volwassenen, Trainer MBSR/MBCT en Mindful Opvoeden, Embodiment student, vrijwilligster in een sociale beweging en socio-culturele verenigingen, zangeres en moeder van drie kinderen.

Voor specifieke workshops en methodieken kan het collectief HUMMUS-the art of deep democracy je verder helpen

Pesten: vernieuwende aanvullingen op verouderende tips

Pestgedrag?

Vernieuwende aanvullingen op verouderende tips

Deze week is de week tegen het pesten. Pesten stelt de veerkracht van vele kinderen hevig op de proef. Soms wordt de druk zo groot, dat het blijvende gevolgen heeft voor degene die gepest wordt, én voor de pesters zelf. Want pestgedrag is paradoxaal genoeg vaak een uiting van gebrek aan veerkracht van de pester. Als je je al een hele tijd niet gehoord, niet gezien en vooral onveilig voelt, is agressie ten opzichte van anderen een mogelijke uitweg. Gelukkige kinderen die zich veilig verbonden voelen en authentiek zichzelf kunnen zijn, pesten niet.

Pestgedrag is vooral een gedragsuiting van kinderen die zich op de één of andere manier onveilig voelen, en daardoor (niet intentioneel) anderen in onveiligheid brengen. Net zoals je iemand pijn doet als je zelf pijn hebt, want “dan voelt die ander ook eens wat het is om pijn te hebben”. Omdat dit een onbewust, niet-cognitief proces is, richt degene die zich onveilig voelt zich niet direct tegen degene die hem/haar pijn heeft gedaan, maar (met bijval van anderen) tegen iemand die een zwakkere machtspositie heeft of iemand die om andere redenen niet zal terugvechten. Het lijkt allemaal om macht te draaien, maar het is eigenlijk een manier om een tijdelijk gevoel van veiligheid te ervaren, helaas ten koste van een ander.

In deze week van het pesten wil de Resilience Movement uitnodigen om nieuw onderzoek te ontdekken. Vandaag hebben we toegang tot (Engelstalig) onderzoek en informatie die ons naar de wortels van pestgedrag leiden. De bestaande inzichten zijn zeker waardevol zijn, maar dienen aangevuld te worden.

Wat is verouderend en wat is nieuw? 

Verouderend is de uitsluitend cognitieve aanpak: erover praten, schrijven, filmpjes of liedjes maken en campagnes voeren. Een week per jaar focussen op pestgedrag en tools aanreiken om de rest van het jaar ook alert te blijven en pesten aan te pakken, het is een goede gewoonte geworden. Maar het is niet voldoende.

Nieuw is het ingrijpen in de onderliggende onbewuste processen die de oorzaak zijn van pestproblemen. Want we weten ondertussen – zoals bijvoorbeeld het artikel van Peter Brems op zaterdag 6 februari op VRT nieuws beaamt – dat pestgedrag geen cognitief bewuste, rustig doordachte keuze is.

Via de neurowetenschap weten we nu ook dat: 

  • onbewuste processen van (on)veiligheid zich afspelen in het lichaam, in de neuronale netwerken in onze buik, rond het hart en in de hersenstam. Niet in de neocortex waar cognitie en reflectie plaatsvindt.
  • er een impulsreactie komt als ons lichaam het signaal “onveillig” geeft: Fight-Flight-Freeze-Faint.
  • cognitieve reflectie onmogelijk is zolang we niet schakelen naar “voldoende veilig”.
  • er blijvend letsel kan ontstaan als we niet leren terugschakelen naar “veilig”, ongeacht je leeftijd.
  • zowel trauma (geen herstel na stressmoment) als veerkracht (wel herstel na stressmoment), genetisch bij geboorte én sociaal tijdens het leven, worden doorgegeven van ouder op kind.

Het goede nieuws is dat iedereen kan leren schakelen van onveilig naar veilig! Het vraagt enkel regelmatige (korte) lichamelijke oefening, concentratie en een omgeving waarin je voldoende veiligheid ervaart. Dat wil zeggen een omgeving waarin je voldoende tijd en ruimte hebt om je gevoelens te kunnen opzoeken, ze leert herkennen en leert uiten op verschillende (niet-destructieve) manieren. Een omgeving waarin je voelt dat er oprechte nieuwsgierige verbinding is van mens tot mens, waarin je leert vallen en weer opstaan (met de nodige steun), waarin je niet wordt beschouwd als een probleemkind dat gefixt moet worden.

Als we nog een laagje dieper willen kijken, dan zien we dat pesters ons eigenlijk wijzen op een fundamenteel probleem in onze samenleving. Een probleem van (on)macht, onveiligheid, prestatie-en tijdsdruk en een grondig gebrek aan middelen, dat zich ook sterk uit in het schoolsysteem; in de te beperkte onderwijsbudgetten, het hoge aantal burnouts bij onderwijspersoneel, de standaard aanpak van straffen en belonen, en door heel veel oordelen over gedrag en vaardigheden. Je krijgt als school én als leerling goede, middelmatige of slechte punten en een hoop stress van ‘de inspectie’, een stempel van flink of niet-flink, je gedragskaartje kleurt rood, oranje of groen, je wordt aanvaard of terecht gewezen.

En toch lukt het ons weer om in de week van het pesten het probleem bij individuele kinderen te leggen, de pesters. Moeten we ons niet eerder de volgende vragen stellen:

  • zijn wij als volwassenen in staat om een veilige, nieuwsgierige, onvoorwaardelijk verbindende ruimte te scheppen voor onze kinderen, thuis en op school?
  • zijn wij in staat om heldere grenzen te stellen zonder terug te vallen op het onveilige systeem van straffen en belonen?
  • zijn wij zelf veerkrachtig genoeg om in eigen boezem te kijken -zoals we vragen aan pesters- om op zoek te gaan naar wat nodig is om de verouderende gewoontes van ons onderwijssysteem (en van de samenleving) fundamenteel te veranderen?

Tot slot een poging tot actualisering van de waardevolle tips uit het bovengenoemde VRT-artikel.

Wat kan je doen als je kind anderen pest?

  • Ga zo snel mogelijk met je kind in gesprek en vraag jezelf af wat jij en je kind nodig hebben om tijdens dit gesprek in onvoorwaardelijke verbinding te blijven. Wees rustig en luisterbereid. Probeer vooral te weten te komen waarom je kind pest. Dring aan op Neem de tijd en zoek samen naar eerlijke, duidelijke antwoorden over welke gevoelens er zouden kunnen meespelen, ook je eigen gevoelens. Besef hoe moeilijk deze vraag is, aarzel niet om hulpmiddelen te zoeken (zie bvb de boekenlijst en de emotiewaaier op deze website bij “Downloads”) of contacteer het CLB.
  • Maak duidelijk dat je achter de persoon van je kind blijft staan. Je kind moet beseffen dat je zijn gedrag afkeurt, maar niet zijn persoon. Toon je liefde en zeg aan het begin van het gesprek hoeveel je van je kind houdt en dat je er altijd voor hem/haar zal zijn, ongeacht de foutjes die hij/zij maakt. Doe je uiterste best om te luisteren zonder te onderbreken, zonder vragen stellen, zonder advies te geven. Maak ruimte voor vragen en adviezen in een volgende stap (zie “tips voor een veerkrachtige dialoog”). Eindig elk gesprek met een knuffel.
  • Wijs op de kwalijke gevolgen van het pestgedrag. Maak duidelijk dat iedereen slechter wordt van pestgedrag, niet alleen het slachtoffer. Vraag vooral welke aangename én onaangename gevoelens en gedachten er bij je kind opkomen als hij/zij iemand wil pesten.
  • Maak duidelijk dat het pestgedrag zich niet mag herhalen. Ga samen op zoek naar wat je kind kan helpen om de volgende keer iets anders te doen dan pesten: doe samen regelmatig een lichamelijke centeroefening (bvb deze op Aikido gebaseerde oefening) of zoek samen naar een lichamelijke oefening en informatie die jullie beter past.
  • Vraag van je kind een “sorry-gebaar” naar het slachtoffer. Dat kan in de vorm van een brief, een ingesproken boodschap of een gesprek. Vraag wat je kind nodig heeft om dit te kunnen doen. Iets meer tijd? Hulp, steun, aanwezigheid van jou als ouder of van een leerkracht die hij/zij vertrouwt? Besef ook hoe moeilijk het is om dit te doen. Wanneer heb jij voor het laatst je excuses aangeboden? Geef je kind voorbeelden van hoe moeilijk jij het vond en hoe jij het uiteindelijk toch hebt gedaan.

Leestip om rebelse energieën op een constructieve manier te leren gebruiken Rebellerenkanjeleren.be

Dank aan iedereen die deze boodschap mee wil verspreiden

Ylva Berg

Ylva is initiatiefneemster van de Resilience Movement, meertalig Deep Democracy-trainer en facilitator (inclusieve besluitvorming en conflictresolutie) voor kinderen en volwassenen, Trainer MBSR/MBCT en Mindful Opvoeden, Embodiment student, vrijwilligster in een sociale beweging en socio-culturele verenigingen, zangeres en moeder van drie kinderen.

Inspirati.ON

Inspirati.ON

08:45 – 9:00

04.02 – 11.02 – 18.02 – 25.02

04.03 – 11.03 – 18.03 – 25.03

Inspirati.ON zoomlink

Inspirati.ON = elke donderdag een moment online voor vragen, oefeningen of tips voor meer veerkracht. Je bent van harte welkom, kort of lang, te laat of op tijd, alleen of met een hele klas, met je kind(eren), je partner, je collega’s, tijdens, voor of na een vergadering.

Inspirati.ON = een sessie met Ylva Berg, initiatiefneemster van de Resilience Movement; ervaren veerkracht-trainster met kinderen, jongeren en volwassenen; gecertificeerd Deep Democracy- en MBSR/MBCT instructor en Mindful Opvoeden-trainster; muzikante; moeder van 3 tieners.

Inspirati.ON = tous les jeudis un moment en ligne pour vos questions, des exercices ou conseils pour plus de résilience. Vous êtes le.la bienvenu.e, brièvement ou plus longtemps, en retard ou à l’heure, seul ou avec toute une classe, avec votre (vos) enfant(s), votre partenaire, vos collègues, pendant, avant ou après une réunion.

Inspirati.ON = une session avec Ylva Berg, initiatrice du Resilience Movement ; formatrice expérimentée en résilience avec des enfants, des jeunes et des adultes ; instructrice certifiée en Démocratie Profonde et en MBSR/MBCT, formatrice en éducation en pleine conscience; musicienne ; mère de 3 adolescents.

Inspirati.ON = an online moment every Thursday for your questions, exercises or tips for more resilience. You are welcome, short or long, late or on time, alone or with a whole class, with your child(ren), your partner, your colleagues, during, before or after a meeting.

Inspirati.ON = a session guided by Ylva Berg, initiator of the Resilience Movement; experienced resilience trainer with children, adolescents and adults; certified Deep Democracy and MBSR/MBCT instructor and Mindful parenting trainer; musician; mother of 3 teenagers.

Kick-On 28.01.2021

Body-Mind sessi.e.on @ 09:00-09:30

Contactmoment + Oefening – ExercicePractice

11:45-12:00

Check-in zoomlink

Kick-On  09:00-12:00

Donderdagen

Les Jeudis

Thursdays

Wandeling – Promenade  – Stroll

Living Impro Workout

Resmove 15min Check-in (resilience movement)

Koor Chorale Choir

Hummus-Check-in-Wave

Muziek op het schoolplein – Musique à la recrée – Music at the school playground

Hardlopen – courir – run

Maak hulpdiensten bekend – Faites connaître les services d’aide et soutien – Inform others about services of support and emergency

A stretch+push up (10 min); B 1,5 km jogging; A ; B ; A ; B ; etc…

Slapen – Dormir – Sleep

Soep uitdelen + ouders-babbel op school – distribution de soupe et papote-parents à l’école – soup distribution and parents-chat at school

Een minuut stilte en luisteren naar geluiden – une minute de silence en écoutant les sons – one minute silence to listen to the sounds

Kick Off 21.01.2021

Kick-Off 21.01.2021

Living Impro Online @ 09:00

1ste Samenkomst  1er Rassemblement  1st Gathering

11:45-12:00

Check-in zoomlink

Laat je inspireren door de acties van anderen om op donderdagen je eigen veerkracht-acties op te zetten! Op deze pagina vind je een wekelijks groeiende lijst veerkracht-activiteiten die mensen doen en waar wij van op de hoogte zijn. Als er open activiteiten zijn dan hebben ze een link waarmee je op de inschrijfpagina komt. Je kunt ook jouw donderdag-actie op onze facebookpagina of instagram posten om anderen te inspireren.

Inspire-toi des actions des autres pour organiser tes propres actions de résilience les jeudis! Sur cette page vous trouverez une liste croissante des activités de résilience des jeudis dont nous avons connaissance. S’il y a des activités ouvertes, elles auront un lien qui vous amène à la page d’inscription. Vous pouvez afficher votre activité pour inspirer d’autres gens sur notre page facebook ou sur instagram.

Get inspired by the activities of others to organize your own resilience actions on Thursdays! On this page you will find the list of resilience activities that people are doing on Thursdays and that we are aware of. If there are open activities, they will have a link to the registration page. You can also post your Thursday action to inspire others on our facebook page or instagram.

Wandeling – Promenade  – Stroll

Koor Chorale Choir

Muziek op het schoolplein – Musique à la recrée – Music at the school playground

Hardlopen – courir – run